Maandelijks archief: augustus 2010

Trompe l’oeil

Alléén voor clienteel.

Met mijn toenmalige vriend ben ik enkele jaren geleden in de auto op weg naar een korte vakantie in Parijs. We rijden niet over hoofdwegen, maar zoeken het in de landelijke schoonheid. Net over de grens in België moet ik nodig plassen. Gelukkig komen we al snel een soort van wegrestaurant tegen. Aan de deur hangt een bordje in zeven talen, dat het toilet in dit restaurant alleen voor klanten is. Nou dat komt goed uit, want we waren toch toe aan een kop thee. Terwijl mijn vriend naar de bar loopt om te bestellen, vraag ik aan een vervaarlijk wulps uitgedoste dame, waar het toilet is. Met wilde bewegingen staat ze de tafeltjes te boenen, op stilettohoge hakken en met lange, fel roodgelakte nagels. De suikerspin op haar hoofd zwaait onheilspellend heen en weer. Ze kijkt mij met omhoog getrokken wenkbrauwen en zwaar gewimperde ogen aan.

“Eerst bestellen”, zegt ze bars en ze draait zich meteen weer om. Ik schiet in de lach en zeg dat mijn vriend al bij de counter staat. Daar gaat ze niet op in. Met driftige bewegingen blijft ze de tafeltjes mishandelen. Maar ik moet echt heel nodig, dus ik loop snel naar mijn verkering die de bestelling intussen heeft geplaatst bij de vrouw achter de toog. Deze ziet eruit alsof ze als Hoofd ener Basisschool met de Bijbel dagelijks het rietje stevig hanteert.

“ Ik mag nog niet plassen”, grijns ik naar een verbaasde vrijer.

“ Waarom niet?”

“ We moeten eerst bestellen” sniklach ik, “en wachten met plassen tot ik toestemming krijg,” fluister ik in verloofdes oor, waarna ook hij in de lach schiet.

.

Klaan ogenblikske!
Ik klim naast hem op een kruk en kijk met gekruiste, dichtgeknepen benen om mij heen of ik in één van de zeven talen ergens een toegang tot de klantentoiletten zie. Niks. Wel overal enorme palmen en grote Griekse vazen. De strenge mevrouw blijft druk in de weer met de bestellingen en kijkt geen moment mijn kant op hoezeer ik ook mijn best doe om haar aandacht te trekken.

Als ze eindelijk komt met de thee, vraag ik haar, wiebelend op mijn barkruk, of zíj mij alsjeblieft kan vertellen waar het klantentoilet is. Ik zie namelijk nergens zelfs maar een aanwijzing.

“ Klaan ogenblikske”, roept de dame, terwijl ze zich omdraait om eerst rustig met twee klanten af te rekenen. Nu heb ik het helemaal niet meer; ik moet verdorie plassen, ik heb een kop thee voor mijn neus, waar is dat rottoilet?? Pas na enige minuten verwaardigt de mevrouw achter de bar mij een tweede blik. Dan drukt zij op een knop.

‘Vwollaa, nu kunde ge bij de lavabo’.

Ik zie nog niets en kijk haar vragend aan. Zwijgend wijst ze op het struikgewas en de rij Griekse vazen achter me. Daarachter is een deur opengesprongen die ik daarvoor niet gezien had, zó ingenieus was hij mee geschilderd in het Griekse tafereel dat op de muur staat. Ik vlieg erheen. Het blijkt een klein vierkant kamertje te zijn. En wat voor een kamertje.

.

Porceleinen troon.

Midden in het blinkend schone vertrekje staat een prachtig glimmende, antieken porseleinen toiletpot op een verhoging als een troon. Hij is van binnen en van buiten beschilderd met chrysanten en zwaluwen. Aan de muur een dito wastafel waaruit twee goudkleurige kranen steken. Een gloednieuw, eveneens gebloemd, stuk zeep ligt uitnodigend op de rand. Boven de wastafel is een grote spiegel in een gouden lijst gevat. Snel beklim ik de twee treetjes van de gouden troon. Met een zucht van verlichting laat ik mijn billen zakken op het proper gekuiste pivaat uit de vorige eeuw. Alsof ik sinds de aanschaf de eerste ben die tot het heilige der heilige is doorgedrongen.

.

We zijn daarna nog meermalen met de auto naar Parijs gereden, maar dit etablissement hebben we nooit meer teruggevonden.

 

 

 

 

Categorieën: België | Tags: , , , , , , , , , , , , | 8 reacties

Maak een gratis website of blog op WordPress.com.

%d bloggers liken dit: